Lex Bovy kent zorgcentrum Schuttershof al heel wat jaren. Dertig jaar geleden bezocht ze er regelmatig haar vader. Nu bezoekt ze bijna dagelijks haar man Harry, die op afdeling Gouden Regen woont. “De zorg was al echt heel goed toen mijn vader er woonde”, vertelt Lex. “Iedereen was betrokken en er werd goed voor hem gezorgd. Maar ik vond het ook groot en massaal. Daarom wist ik niet zeker of het bij mijn man zou passen.”
Harry heeft Alzheimer. Lex zorgde jarenlang thuis voor hem, totdat dat steeds moeilijker werd. Toen een vriendin haar vertelde over Gouden Regen binnen Schuttershof, werd haar nieuwsgierigheid gewekt. “Ik hoorde dat het heel anders was dan de afdelingen die ik van vroeger kende. Toen ben ik gaan kijken.”
Die eerste indruk maakte meteen verschil. “Het voelde huiselijk. Niet groots, maar juist overzichtelijk. Er zijn maar veertien kamers en bewoners kennen elkaar. Dat sprak mij meteen aan.” Inmiddels woont Harry er bijna twee jaar. Wat Lex vooral waardeert, is de persoonlijke sfeer en de mix van bewoners. “Dat zorgt voor meer contact en dynamiek. Als ik hier kom, heb ik ook contact met andere bewoners. Zij kennen Harry en ik ken hen. Dat maakt het heel prettig.”
Ook de aandacht voor het gewone leven vindt ze belangrijk. “De kleine dingen die mensen thuis prettig vonden, zijn hier vaak ook mogelijk. Een terrasje pakken, samen eten of een snack in het weekend. Dat geeft een gevoel van herkenning.”
Nu Harry in Schuttershof woont, is Lex nog steeds nauw betrokken. “Je stopt niet met mantelzorger zijn. Je zorgt alleen op een andere manier mee.” Als ze terugkijkt op haar eerdere twijfels of de locatie niet te massaal was, moet ze glimlachen. “Ik wist dat de zorg in Schuttershof goed was, maar ik wist niet of het voor Harry de juiste plek zou zijn. Toen ik Gouden Regen leerde kennen, dacht ik: dit past wel.” Het bleek een gouden match.